AMSTERDAM - 

Bij een onderzoek naar de werking van probiotica bij mensen met een acute ontsteking van de alvleesklier (pancreas) zijn meer mensen gestorven die het middel hadden gekregen dan degenen die de behandeling niet hebben ondergaan.

Dat heeft het Universitair Medisch Centrum Utrecht, dat het onderzoek leidde, woensdag laten weten. De onderzoekers, die hun bevindingen binnenkort in een vooraanstaand wetenschappelijk tijdschrift publiceren, zijn verrast. Eerdere kleine buitenlandse studies toonden aan dat probiotica acute alvleesklierinfecties zouden remmen.

Aan het onderzoek deden 296 patiënten met een ernstige acute pancreasontsteking in vijftien Nederlandse ziekenhuizen mee. Van de patiënten die probiotica kregen, stierven er 24 (16 procent), van de overigen negen (6 procent). Alle deelnemende patiënten hebben vooraf toestemming voor hun deelname aan het onderzoek gegeven. De onderzoekers weten nog niet wat de verhoogde sterfte heeft veroorzaakt.

Drie factoren spelen een rol: de toepassing van probiotica bij mensen met orgaanfalen, de toediening van een probioticum bij mensen die op de afdeling intensieve zorg liggen en de toepassing van probiotica samen met sondevoeding. De onderzoekers raden collega's voorlopig aan geen probiotica te geven in die drie situaties.

Jaarlijks krijgen ruim 3000 Nederlanders een acute alvleesklierontsteking. Ongeveer een vijfde wordt ernstig ziek. Van die groep overlijdt ongeveer de helft op de intensieve zorg. De kans te overlijden is groter wanneer er infecties met schadelijke bacteriën optreden.

De patiënten die met probiotica werden behandeld, kregen ze via de darmsondevoeding toegediend. De verwachting was dat hun weerstand daardoor zou toenemen. Probiotica zijn bacteriën die in de menselijke darm de groei van schadelijke bacteriën tegengaan.

Zie ook: Nederlands Tijdschrift geneeskunde



Naar productinformatie